» Home » Theosofie » KH, Koot Hoomi en Katinka Hesselink

KH, Koot Hoomi en Katinka Hesselink

by Katinka Hesselink - Overpeinzende.nl on March 10, 2010

Ja, dat is een beetje een grapje.

Voor degenen onder jullie die de mop niet door hebben, Koot Hoomi was een van Blavatsky’s meesters. Met zijn vriend Morya schreef hij een heleboel brieven die samen een van de eerste vormen van Theosofische literatuur vormen. De meesters, of Mahatmas zoals ze soms genoemd worden, kortten vaak hun naam af. Dit is een theosofisch patroon geworden.

We schrijven dus even vaak HPB als H.P. Blavatsky, HSO voor Henry Steel Olcott, WQJ voor William Quan Judge, KH voor Koot Hoomi en M voor Moria. Het patroon gaat door in de tweede generatie theosofen: J.K. (of alleen K) voor Jiddu Krishnamurti, AB voor Annie Besant, AAB voor Alice Ann Bailey en G.de P. voor Gottfried de Purucker.

Deze praktijk om afkortingen te gebruiken werd heel serieus genomen, maar natuurlijk werd het alleen toegepast op de heel bekende theosofen. HPB schreef zelfs in haar kopie van de Stem van de Stilte “Van HPB voor H.P. Blavatsky, zonder vriendelijke groeten”. Zoals ik schreef in mijn overzicht van theosofische afkortingen, “Dit wordt normaal gesproken als volgt geïnterpreteerd: de innerlijke HPB – het hogere zelf – stelde de problemen die de persoonlijkheid van Blavatsky haar op leverde niet op prijs.”

Het gebruik van een afkorting voor een naam wordt gezien als een onpersoonlijke manier om naar iemand te verwijzen. Het is een teken van respect voor hun innerlijke wijsheid. Misschien is het vergelijkbaar met het geven van een nieuwe naam aan mensen die in een klooster in gaan. Behalve dan dat het Theosofische gebruik opgehouden is. Er is geen mens die naar Radha Burnier, de huidige presidente van de Theosofische Vereniging, verwijst als RB.

Gelukkig of just onhandig genoeg, afhankelijk van je perspectief, gaven mijn ouders mij een HEEL theosofisch verantwoorde naam, waar het de afkorting betreft. Ze noemden me Katinka Hesselink, zonder een tweede naam die me in staat zou hebben gesteld het hele punt te omzeilen.

Online is dit vooral een redactioneel probleem. Als ik een voetnoot toe voeg aan een tekst van iemand anders, kan ik niet met KH ondertekenen, omdat Theosofen zich dan zouden afvragen of het een reactie van de Mahatma op die tekst is. Doorgaans gebruik ik dus maar mijn voornaam, die is tenslotte uniek genoeg.

Op theosofische forums en ook wel in prive gesprekken, noemen mensen me soms KH. Ik word daar verlegen van en probeer ze te ontmoedigen. Maar ja, het is wel iets van een eer om zo’n beroemde afkorting van mijn naam te hebben.

Wat ik wel gedaan heb is de afkorting als onderdeel van mijn schermnaam gebruiken op sommige plekken online: ik sta wel als KH7 bekend. Ik kan echter moeilijk van mensen verwachten dat ze die afkorting online gaan gebruiken als ze naar mij verwijzen.

Wat vinden jullie, moet ik verlegen zijn over dit afkortingsgedoe, of er juist trots op zijn?

{ 7 comments }

Previous post:

Next post: